Geldgebrek bij Jongerenfoon: amper 1 oproep op 8 beantwoord

30/08/2017

De vzw Awel, de voormalige Kinder- en Jongerentelefoon, is dringend op zoek naar meer vrijwilligers en ­financiële middelen. Vorig jaar bleven maar liefst zeven op de acht oproepen on­beantwoord. 'We moeten dringend onze verantwoordelijkheid opnemen tegenover kwetsbare jongeren', zegt de gekende kinderpsychiater Peter Adriaenssens.

'Mijn ouders gaan scheiden en ik ben in war. Is dat ­normaal?', 'Ik heb naakt­foto’s verstuurd en ben bang dat ze verspreid worden. Wat nu?' of 'Ik ben de hele tijd verdrietig. Hoe word ik beter?'. Eender welke vraag die door de hoofden van kinderen en jongeren spookt, kunnen ze anoniem stellen aan Awel vzw via telefoon, chat, mail of een van de fora.

Maar de vroegere Jongerentelefoon kent zo veel succes dat het de vele ­vragen niet kan bijhouden. Slechts één op de 8 oproepen wordt beantwoord. 'Vooral via telefoon en chat zijn de lijnen vaak bezet', zegt coördinatrice Sibille Declercq. 'We moeten ­jongeren dan vragen terug te bellen, zich opnieuw aan te melden in de chatroom of hun vraag te mailen of te stellen op ons forum.'

De situatie is frustrerend, zegt Declercq. 'Zeker omdat jongeren vaak al hun moed bijeenrapen om ons te bellen. We weten dat we met één ­gesprek een groot verschil kunnen maken. Toch krijgen we vaak die kans niet. De betrokken jongeren reageren erg teleurgesteld en gefrustreerd.'

Kaasschaaf

Op dit moment bemannen 260 vrijwilligers de kanalen van de vzw. Awel zoekt 120 à 140 extra mensen. Hun opleiding en ondersteuning kost echter een pak geld. 'Terwijl de vragen aan ons adres stijgen, heeft de overheid de afgelopen jaren de kaasschaaf boven­gehaald', zegt Declercq.

Mogelijk komt daar in 2018 eindelijk verandering in. Op het bureau van minister van Jeugd Sven Gatz (Open VLD) ligt een advies klaar van de Vlaamse administratie om de subsidies voor Awel te verhogen met bijna 30 procent naar 456.000 euro per jaar. Maar of dat effectief gebeurt, is niet zeker.

Kans verkeken

'We moeten dringend onze verantwoordelijkheid opnemen tegenover kwetsbare jongeren', zegt kinderpsychiater Peter Adriaenssens. Hij wijst erop dat een belangrijke groep tieners niet de luxe heeft om in zijn directe omgeving de juiste steun te vinden. 'Bovendien praten tieners in het algemeen makkelijker over hun problemen met vreemden. Dat gebeurt vaak in een impulsieve bui, waarin ze meer openheid tonen en sneller advies aanvaarden. Om goed te helpen, is het belangrijk om dat moment te grijpen.'

Kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen reageert bezorgd. 'Awel is vaak de eerste plek waar jongeren met hun vragen terechtkomen. Het is belangrijk dat die gehoor krijgen. Anders dreigt alles nog ­groter te worden in hun hoofd.'

Bron: De Standaard 30/08/2017,